zaterdag 2 maart 2024
Kijk | Ontdek | Luister | mee op nu.cw

Nederland moet de slavernij en slavenhandel waaraan het land zich schuldig heeft gemaakt erkennen als misdrijven tegen de menselijkheid en excuses daarvoor maken. De overheid moet ook bereid zijn ‘dit historisch onrecht’ en de langdurige gevolgen daarvan zoveel mogelijk te herstellen. En dit alles moet bij wet worden geregeld.

Dat zijn de belangrijkste aanbevelingen van het Adviescollege Dialooggroep Slavernijverleden, dat vorig jaar juli is ingesteld door het inmiddels demissionaire kabinet-Rutte. Het rapport ‘Ketenen van het verleden’ is vandaag in Amsterdam, voorafgaand aan de nationale herdenking van de afschaffing van de slavernij,  overhandigd aan minister van Binnenlandse Zaken Kajsa Ollongren.

Het college vindt excuses van de regering nodig omdat het Nederlands gezag direct of indirect betrokken was bij de slavenhandel. Dat gebeurde in Suriname en op de Nederlandse Antillen tussen de zeventiende eeuw en de afschaffing van de slavernij op 1 juli 1863.

Ook wordt aanbevolen om van 1 juli een nationale feestdag (Keti Koti) te maken, waarbij de premier en de koning aanwezig zullen zijn. Dat moet benadrukken dat het Nederlandse slavernijverleden een zaak is voor iedereen en de gezamenlijke geschiedenis vormt.

Verder pleit het college voor een Koninkrijksfonds, waarmee duurzame herstelmaatregelen kunnen worden betaald. Het college heeft daarnaast ook gekeken naar de effecten van de slavernij op de huidige samenleving, zoals discriminatie en institutioneel racisme.

Vorig jaar wilde demissionair premier Mark Rutte niks weten van excuses, omdat dit volgens hem het maatschappelijk debat niet helpt maar eerder zou leiden tot polarisatie. Wel wil hij een herdenkingsjaar over slavernij in 2023. Onder de coalitiepartijen waren toen alleen D66 en ChristenUnie voorstander van excuses, CDA en VVD zagen het niet zitten. In de Tweede Kamer klinkt ook een roep om Keti Koti uit te roepen tot nationale feestdag. D66 komt met een motie daartoe.

Minister Ollongren zei vandaag in reactie op het rapport van het adviescollege dat het demissionaire kabinet nu geen nieuwe dingen meer in gang kan zetten. “Dat is voor een nieuw kabinet.”