Opent in een nieuw tabblad
vrijdag 9 oktober 2026
Kijk | Ontdek | Luister | mee op nu.cw

Steeds minder inwoners verlenen wekelijks mantelzorg. In 2025 gaf 7,4 procent van de volwassenen aan minstens één keer per week onbetaalde zorg of ondersteuning te geven aan een ander. In 2017 was dat nog 20,4 procent. Dat blijkt uit de Enkuesta Sosial 2025 van het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS), meldt de ochtendkrant Antilliaans Dagblad.

Het CBS noemt de sterke daling opvallend. Een duidelijke verklaring is er nog niet. Volgens het statistiekbureau kunnen onder meer veranderingen in de beschikbare formele zorg, de mogelijkheid om mantelzorg te geven en veranderingen in huishoudens een rol spelen. Nader onderzoek moet uitwijzen wat de daling precies veroorzaakt.

Vrouwen vormen de grootste groep mantelzorgers. Zij zijn goed voor 63,6 procent, tegenover 36,4 procent mannen. Vooral inwoners van 45 tot 64 jaar verlenen wekelijks zorg of ondersteuning. Bij deze groep gaat het om 10,6 procent. Jongeren van 18 tot 24 jaar doen dit met 2,6 procent het minst vaak.

De daling staat volgens het CBS ook tegenover de ontwikkeling in Nederland, waar juist 39 procent van de bevolking mantelzorg verleent.