De eigenaren van nachtclub La Tasca raken definitief ruim 667.000 gulden kwijt die zij volgens de rechter hebben verdiend met de uitbuiting van Venezolaanse vrouwen. De Hoge Raad heeft het cassatieberoep verworpen, waardoor de eerder opgelegde ontnemingsmaatregel in stand blijft.
Volgens eerdere uitspraken van het Gemeenschappelijk Hof van Justitie runde het echtpaar nachtclub La Taska in Otrobanda waar Venezolaanse vrouwen zonder werk- en verblijfsvergunning werden ingezet als zogenoemde ‘trago-meisjes’. De vrouwen werkten lange dagen onder zware omstandigheden en moesten vooral zorgen dat klanten zoveel mogelijk drankjes bestelden.
De rechtbank stelde vast dat de vrouwen niet alleen onderbetaald werden, maar ook onder druk stonden en in een kwetsbare positie verkeerden. Zij verbleven deels in een nabijgelegen hotel waar zij verplicht werden gehuisvest. In sommige gevallen konden seksuele handelingen met klanten onderdeel zijn van het werk, zo blijkt uit eerdere uitspraken.
Het echtpaar werd eerder al door het Hof veroordeeld voor mensenhandel, mensensmokkel en het illegaal tewerkstellen van vrouwen. Zij kregen daarvoor gevangenisstraffen van vier jaar opgelegd. Die veroordeling is inmiddels definitief.
In de ontnemingszaak ging het om 667.241 gulden aan winst die volgens het Hof direct voortkwam uit de illegale praktijken in de nachtclub. Pogingen om dat bedrag via cassatie aan te vechten zijn door de Hoge Raad afgewezen.
Daarmee staat vast dat het geld niet wordt teruggegeven en definitief is afgepakt.













