vrijdag 10 april 2026
Kijk | Ontdek | Luister | mee op nu.cw

De nieuwe wet over uitlevering van verdachten of veroordeelden op Aruba, Curaçao en Sint Maarten aan Nederland roept vragen op over de rol van de gouverneur. De Orde van Advocaten van Curaçao waarschuwt dat de huidige verdeling van bevoegdheden mogelijk niet meer past binnen een moderne rechtsstaat. Dat meldt het Antilliaans Dagblad.

Volgens de Orde blijft de procedure in de kern hetzelfde: het Gemeenschappelijk Hof beoordeelt eerst of een uitlevering juridisch kan, waarna de gouverneur de definitieve beslissing neemt. Advocaten stellen dat deze rolverdeling een risico op belangenverstrengeling met het Openbaar Ministerie met zich meebrengt, omdat de gouverneur afhankelijk is van informatie van het OM. In Nederland is de minister van Justitie politiek verantwoordelijk, terwijl de gouverneur niet direct verantwoording hoeft af te leggen.

De advocaten uiten ook zorgen over de rechtsbescherming van personen waarvan wordt gevraagd ze uit te leveren. Beslissingen van de gouverneur zijn moeilijk effectief aan te vechten en de beoordelingsruimte is volgens hen te groot, wat de rechtszekerheid kan ondermijnen. 

Bovendien kan uitlevering al plaatsvinden bij een minimale strafdreiging van een jaar, terwijl volgens de Orde niet altijd duidelijk is hoe mensenrechten in de praktijk worden getoetst. Versnelde procedures kunnen daarbij de verdediging van de betrokkene bemoeilijken.

De kritiek spitst zich uiteindelijk toe op de gouverneur zelf. De Orde van Advocaten noemen hem een ‘koloniale figuur’ wiens positie in de procedure vragen oproept over de rechtsstatelijke legitimiteit van de nieuwe wet.

Plaats de eerste reactie